Pedagogiek

“Rather than seeing the work of the teacher as telling students what they should think and how they should be, I see the work of the teacher as ‘interruptive,’ that is, as bringing the question of the quality of what is being expressed, or, in other words, of the desirability of what is being desired, into the lives of students, not as a question that can be answered once and for all, but as a question that is worth asking in each new situation, as a question that is worth carrying with oneself throughout one’s life.

To carry this question with oneself, as a ‘living question,’ is what it means to try to exist in and with the world in a ‘grown up’ way, always ‘measuring’ one’s own desires (including one’s desire for identity) against the desires of others, always asking whether what I desire is desirable for my own life, and my life with others on a planet with limited capacity for fulfilling all our desires” 

Gert Biesta, 2017.  Walking the museum: Art, artists and pedagogy reconsidered. 

“Maar we moeten fouten mogen maken, vooral ook kinderen. Daar hebben ze recht op, we moeten ze durven te laten blunderen. Want daar waar een kind het idee heeft “hier gaat iets niet goed”, moet hij krachten in zichzelf aanspreken, bijvoorbeeld bij afwijzing of het ondervinden van weerstand.” Joyce van den Bogaard, website Nivoz.

 

“Kinderen hebben geen boodschap aan dat je ze vertelt wat ze wel en niet moeten of mogen doen, maar kijken naar hoe hun ouders of leerkrachten de dingen doen en gaan dat nadoen. Dat vraagt van jou als volwassene ongelooflijk veel.” 

Désanne van Brederode,  Filosofe & schrijfster. 

 

"Il ne faut pas oublier qu'un élève est un sujet, et qu'un sujet n'est pas réductible à son cerveau…”

Philippe Meirieu 12 - 12 - 2017

 

'We beschouwen een afwijking niet meer als een vorm van diversiteit. We zijn vanuit een preventiever perspectief naar kinderen gaan kijken. We zien kinderen steeds meer als mogelijke dragers van mogelijke afwijkingen. Kinderen worden op die manier dus steeds kwetsbaarder.'

Micha de Winter, Nivoz 2019

 

“Het centraal stellen van de leerling is een goed didactisch idee, maar wordt problematisch als dit het organiserend principe van het onderwijs wordt.” Gert Biesta

 

Heroriëntatie op mens en aarde

'Ons onderwijs is verworden tot een verlengstuk van de economie', stelt hoogleraar Arjen Wals. 'Leerlingen krijgen niet of nauwelijks de noodzakelijke basiskennis en –competenties voorgeschoteld om de wereldwijde duurzaamheidsproblemen het hoofd te bieden. In plaats daarvan bereiden scholen leerlingen hoofdzakelijk voor op een leven lang flexibel werken om inkomen te generen.' 

(Bron: NIVOZ)

 

“In [zijn boek] ’De plicht om weerstand te bieden’ schetst Meirieu ons huidige tijdperk als een tijd waarin de hegemonie van de marketing onze jeugd in een wurggreep heeft van directe behoeftebevrediging die gepaard gaat met een versnippering in focus.”  Liesbeth Breek, Docent Frans, coach startende leraren, website Nivoz.

Maar tegenwoordig is het onderwijs in veel opzichten uit balans omdat de stem van de ene ‘meester’ – de meester die wil dat het onderwijs vooral presteert en produceert ten dienste van de samenleving of specifieke aspecten daarvan zoals, vaak, de economie – vele malen sterker is dan de stem van de andere ‘meester,’ de meester die ook zorg wil dragen voor het kind en de jongere en hun volwassen bestaan in de wereld. Dat roept de vraag op hoe we het onderwijs weer in balans kunnen krijgen, dat wil zeggen de vraag waar in het onderwijs (ook) om zou moeten gaan en waar het onderwijs (ook) voor zou moeten staan omdat, zoals het Engelse spreekwoord zegt, “if you stand for nothing, you will fall for anything.”

Gert Biesta, september 2016, kennis platvorm onderwijs

“Verf, steen, geluid,

ze staan niet alles zomaar toe. Net als een ander mens ook niet.” Onderwijs en kunst zijn beide langzaam en lastig. Kunst helpt de pedagogiek bij het leren onderbreken van jezelf zijn. Kunst verkent of wenselijk en mogelijk is wat het individu wenselijk acht. Je kunt niet zomaar alles en niet achter alles wat je wilt aanlopen”

Gert Biesta, maart 2016, 

Kunst is bewust nutteloos-Science Guide (maart 2016).

De muziekinstrumentjes die we gebruiken - en dat zijn er aardig wat - zijn afgestemd op de mogelijkheden en het niveau van de kinderen. Daarbij, muziekeducatie gaat niet alleen om het spelen op muziekinstrumentjes, het gaat ook om het ontwikkelen van de muzikale mogelijkheden van het lijf. Muziek maken doe je met je lijf. Dus hoe dat lijf in beweging wordt gezet is van belang. In de lessen wordt er altijd rekening gehouden met een afwisseling tussen zitten, staan en lopen. Beweging is muziek of veel beter nog: Muziek is Beweging. Maak maar eens muziek zonder te bewegen. Het hele lijf komt aan bod. Het belangrijkste instrument hebben we altijd bij ons: de stem. Zingen, stemvorming, is de basis.

Heel vaak komt de vraag of er hetzelfde wordt aangeboden in een volgende cursus. Het antwoord: voor een gedeelte wel ja en voor een groot gedeelte niet. Er wordt altijd rekening gehouden met kinderen die al eerder een cursus of cursussen gevolgd hebben. Herhaling is altijd prettig. Het zorgt voor herkenning en oefening. Nieuwe activiteiten - nieuwe liedjes en of materiaal - zorgen voor nieuwe interesse en muzikale groei.

De leeftijdsgrens tussen dreumesen en peuters is best lastig. Het is uiteraard niet zo dat er letterlijk een grens wordt overschreden als kinderen twee jaar worden.  En het is ook (gelukkig!) niet zo dat alle kinderen zich keurig houden aan de ontwikkelingsstappen en niveaus in de boekjes. En soms kan het ook zijn dat een oudere dreumes al aan een peutergroep toe is en een peuter eigenlijk nog best even in een dreumes groep kan vertoeven.  Muzikale vorming & groei is ingebed in een omgeving. De mate van kunnen functioneren in een groep kan heel anders zijn dan het muzikale niveau. Het toezijn aan een peutergroep behelst dan ook wat meer dan de muzikale ervaringen en het muzikale niveau.

Een workshop muziek met dreumesen is geweldig, maar kan soms ook wat chaotisch verlopen. Zeker als de dreumesen nog geen ervaring hebben met een muziekles. Weten wat te doen, begrijpen wat kan en wat niet kan. Je lijf kunnen inzetten op een manier die aangeboden wordt. Dat lijf dat vaak nog niet helemaal doet wat je wilt. Omgaan met nieuwe dingen, met spanning, met nieuwe mensen. In korte tijd gebeurd er enorm veel. Vaak is een tweede soms zelfs derde muziekles nodig om te zien dat dreumesen wel degelijk meedoen en in staat zijn om in te stappen in het muzikale aanbod. Het is belangrijk om tijd te geven. Tijd en herhaling.

gallery/190316_project het klooster dreumes en peuters lente 2019_7614
gallery/190316_project het klooster dreumes en peuters lente 2019_7597